Lees hier gratis ‘De Vechtscheidingsindustrie (1): ‘Zorg dat mijn ex de kinderen niet meer ziet’

uitgelichte-afbeelding-aflevering-1

In dit eerste deel van de zesdelige serie:

  • David Janssen (41), buitengesloten vader, ziet zijn dochter al zeven maanden niet meer. “Mijn advocate stelde me gerust. ‘Dat staat de rechter echt niet toe. Daar is geen enkele grond voor.’ Niets is minder waar. Ik verloor niet alleen de rechtszaak, maar raakte het gezag als ouder over Puck kwijt.”
  • Familierechtadvocaat mr. R. Kaya: “Familierecht vindt plaats achter gesloten deuren. Daar strijd ik al jaren tegen. Zelfs zedenmisdrijven in het strafrecht zijn openbaar. Niemand ziet hoe vaders op hun kop staan, op de tafel springen, stampen. Of je flipt, of je slikt.”
  • Buitengesloten vader Patrick Damhuis: “Mijn boosheid over de onrechtvaardigheid was een volkomen normale reactie. De psycholoog zei dat het gek zou zijn geweest wanneer ik me níet zo zou voelen. We voerden het rapport aan bij de rechtbank. Het kwam te laat. Ik mag mijn dochters nog steeds niet zien.”
  • Didi de Vries (31), groeide op in haat tegen haar vader. Is nu met hem herenigd. “In 2014 kreeg ik inzage in documenten van de Kinderbescherming, omdat ik met twijfels rondliep over wat er nou vroeger was gebeurd. Zo kwam ik achter de waarheid. Ze zagen een dader, mijn moeder, als slachtoffer en geloofden klakkeloos wat zij riep terwijl ik wist dat ze loog.”
  • Amy JL Baker, Amerikaanse psycholoog en ouderverstotingsexpert: “De directe omgeving van een buitengesloten ouder reageert vaak met onbegrip. Ze nemen aan dat kinderen een goede reden moeten hebben om een ouder af te wijzen. Veel mensen snappen niet hoe vatbaar we allemaal zijn voor emotionele manipulatie.”
  • Hoe herken je ouderverstoting in de praktijk? Aan welke signalen kan de omgeving zien dat een kind te sterk beïnvloed wordt door de voorkeursouder?

Ryan Thomas van The Insider over de vraag: moet je contact houden met je kind, zelfs als die je blijft afwijzen en afweren? Klik op de link en kijk wat hij hierover zegt.

https://youtu.be/IHK0qKCjNBo

De Vechtscheidingindustrie (1): ‘Zorg dat mijn ex de kinderen nooit meer ziet’

Kent u de ‘dwaze vaders’ nog? Sommigen klommen als Batman, Robin of Zorro op paleizen om hun kinderen te laten weten dat ze papa wilden zijn. De verplaatsing van het strijdtoneel uit de jaren tachtig en negentig naar het internet heeft vaderverenigingen als Dwaze Vaders, Family4Justice, Fathers4Justice  in de buitenwereld minder zichtbaar gemaakt. Ze bestaan nog steeds en ontmoeten elkaar op websites, in forums en Facebookgroepen. Gesteund en gevolgd door steeds meer ‘dwaze’ moeders.

Journalist Ton Lankreijer bracht twee weken geleden het boek ‘Zelfmoord na vechtscheiding’ uit, waarin hij de omgangsstrijd van Frank beschreef. Frank was vader van de 9-jarige Anna, mocht haar niet meer zien en pleegde zelfmoord. Met een toekomst zonder Anna wilde hij niet leven. De opbrengst van Lankreijers boek gaat naar Anna. Voor haar toekomst.

Maatregelen op papier
Op papier doet de overheid van alles om vechtscheidingen en de desastreuze gevolgen daarvan in te dammen. In 2012 verscheen ‘De ondertoezichtstelling bij omgangsproblemen’ , een rapport van de Nationale Ombudsman, de Raad voor de Kinderbescherming, Bureaus Jeugdzorg, de ministeries van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) en Veiligheid en Justitie (VenJ) en rechters. In 2014: ‘Vechtende ouders, het kind in de knel’, Kinderombudsman Marc Dullaert, met nieuwe aanbevelingen en richtlijnen ter verbetering van de positie van kinderen in vechtscheidingen. In 2016: Divorce Challenge, een project van de Rijksoverheid op initiatief van het Tweede Kamerlid Jeroen Recourt, waarin ‘iedereen’ wordt opgeroepen om oplossingen in te sturen.

De overheid heeft van echtscheidingen een winstgevende industrie gemaakt door partijen en instanties die in beginsel onpartijdig zouden moeten zijn, te belonen met financiële prikkels.

De overheid is medeverantwoordelijk
Van de 70.000 scheidingen per jaar gaat het in duizenden gevallen goed mis. Zestienduizend keer, berekende Esma Kaplan in haar master thesis Ouderverstoting in Nederland – Parental Alienation Syndrome (PAS) en loyaliteitsproblemen bij recente scheidingsgezinnen (2008, Universiteit van Utrecht, Faculteit Sociale Wetenschappen). Recente cijfers zijn niet bekend en bovendien lastig te voorspellen. Omgangsregelingen die aanvankelijk soepel verlopen, monden vaak jaren later uit in ouderverstoting. Definitie: de gezaghebbende en verzorgende ouder (vanaf nu: de voorkeursouder) manipuleert het kind met leugens over de andere ouder. In een enkel geval is de ouder bij wie het kind niet woont de manipulator. Het kind gaat de andere ouder haten en verbreekt uiteindelijk ‘zelf’ het contact. ‘Gerechtvaardigde ouderverstoting’ bestaat ook. Dan wil een kind een ouder of ouders niet meer zien omdat er sprake is (geweest) van misbruik, mishandeling of grove verwaarlozing.

Ouderverstoting grijpt in en terug op processen in onze samenleving die dieper gaan dan de psychologische theorieën, modellen en mechanismen tussen gescheiden ouders en kinderen waarmee ouderverstoting wordt verklaard. De overheid heeft van echtscheidingen een winstgevende industrie gemaakt door partijen en instanties die in beginsel onpartijdig zouden moeten zijn, te belonen met financiële prikkels. Daarom is diezelfde overheid medeverantwoordelijk voor de huidige chaos.

David Janssen, journalist (41): ‘Mijn advocate zei nog: geen zorgen, ze gaan je het gezag écht niet ontnemen’
(Uit angst voor represailles van zijn ex durft deze vader alleen onder een pseudoniem mee te werken)
“Van de ene op de andere dag zag ik mijn dochter niet meer. Tien jaar lang was Puck wekelijks bij me geweest: het ene weekend kort, het andere weekend lang. Ze werd steeds stiller als ze bij me was. Ik begreep er niets van. Totdat ik een korte mail kreeg van mijn ex dat het niet goed ging met Puck. Omdat ze al geruime tijd last had van migraine, moest ze naar het ziekenhuis. Een oorzaak werd niet gevonden. Mijn ex vond het nodig om zelf voor arts te spelen: het leek haar beter dat Puck voorlopig niet naar mij toe zou komen. Ze had ‘rust nodig’. Alsof ze die bij mij, tijdens onze spaarzame gezamenlijke momenten, niet kon vinden. Voor de zoveelste keer was ik door mijn ex gepasseerd. Eerst bij de schoolkeuze, nu bij een medische aangelegenheid.

Bij de mediator hadden we ooit afgesproken belangrijke beslissingen samen te nemen. Na drie maanden had ik Puck nog steeds niet gezien. Ik zag geen andere uitweg dan het aanspannen van een kort geding. Een viergesprek met onze beide advocaten erbij had ook niets opgeleverd. De rechtbank bepaalde dat de omgang direct moest worden hervat, maar ging niet verder dan een middag per drie weken. Bij de mediator moesten we samen werken aan een definitieve zorgregeling en aan onze communicatie. Mijn ex noemde mediation een gepasseerd station, maar ging uiteindelijk akkoord op voorwaarde dat zij een mediator mocht uitkiezen.

Verder dan een eerste gesprek kwamen we niet. Mijn ex had ‘geen goed gevoel’ bij deze mediator en wilde een andere. Bij nummer twee ging het precies zo. Ik gaf haar een derde en laatste kans maar hoorde alsmaar niets. Ik begon weer een rechtszaak. Daarop hield mijn ex Puck weer thuis, tot op de dag van vandaag. Puck had ineens een ander telefoonnummer, verdween van sociale media waar ik haar tot dan toe dagelijks volgde. Ik kan niet meer met haar in contact komen. In de hoop mijn dochter weer te mogen zien, begon ik opnieuw een rechtszaak. De tegeneis van mijn ex: dan ontneem ik je het gezag als ouder. Mijn advocate stelde me gerust. ‘Dat staat de rechter echt niet toe. Daar is geen enkele grond voor.’ Niets is minder waar. Ik verloor niet alleen de rechtszaak, maar raakte het gezag als ouder over Puck kwijt. Kafka had het niet beter kunnen bedenken.

Ik heb Puck nu zeven maanden niet gezien of gesproken. Natuurlijk heb ik overwogen om gewoon naar hun huis te gaan om Puck te zien, haar te laten weten dat ik haar vader wil zijn en haar verschrikkelijk mis. Maar mijn ex kennende belt ze zo de politie. Vorige maand schreef mijn ex dat Puck me een mail zou sturen. Ik heb nog steeds niets gehoord. Hoe het verder moet, ik heb geen idee. Ik heb geen geld meer om een nieuwe rechtszaak te beginnen. Afgezien daarvan ben ik alle vertrouwen in het recht kwijt.”

Familierechtadvocaat Mr. Kaya: ‘Familierecht vindt plaats achter gesloten deuren. Daar strijd ik al jaren tegen. Niemand ziet hoe vaders of moeders op hun kop staan, op de tafel springen, stampen. Of je flipt, of je slikt.’

Ruzie tijdens de overdracht
“De rechter kan een omgangsregeling bepalen, uiteindelijk hangt alles af van de bereidwilligheid van de verzorgende ouder. Als die niet meewerkt, ligt alles lam”, erkent familierechtadvocaat Mr. Kaya van Kaya Advocatenkantoor in Enschede. “De bezoekregeling is voor vaders vrij standaard: een keer in de twee weken een weekend. Vaak wordt een uitwonende ouder de omgang met zijn of haar kind op oneigenlijke gronden ontzegd.

Recent lag er een keihard rapport waaruit bleek dat de vader recht had op omgang. De rechter verwierp de eis en ontnam de vader het gezag. Aan de rechter vroeg ik: “‘Hoe komt u bij deze onlogische conclusie? Waarop is uw oordeel gebaseerd, omdat de inhoud van het rapport de conclusie van uw rechtbank niet draagt?” Ik nam het rapport gedetailleerd met hem door. Pagina voor pagina, geen speld tussen te krijgen. ‘Er is vaak ruzie tijdens de overdracht’, wierp de Raad voor de Kinderbescherming ter zitting voor het eerst tegen. ‘Eerst moest de communicatie goed zijn.’ Dat stond niet in het rapport. De rechter eiste nader onderzoek. Zou zes maanden duren. In de tussentijd mocht de vader zijn kind niet zien. In het familierecht bestaat hoger beroep tegen een tussenbeschikking niet. Ouders die het gezag verliezen, kunnen nergens naartoe met hun frustraties. Zetten ze hun verhaal op internet, dan gooien ze alle ruiten in: meteen een kort geding op straffe van een flinke dwangsom. Halen ze hun verhaal er niet af? Twee tot drie jaar geen omgang.

Familierecht vindt plaats achter gesloten deuren. Daar strijd ik al jaren tegen. Zelfs zedenmisdrijven in het strafrecht zijn openbaar. Niemand ziet hoe vaders op hun kop staan, op de tafel springen, stampen. Of je flipt, of je slikt. Bij het verlaten van de rechtszaal schreeuwde een vader tegen de rechter: ‘U hebt lef! Het zijn niet uw kinderen! Jullie gaan zo allemaal naar huis, naar jullie gezin. Ik wil mijn kinderen zien!’”

Meldpunt voor handhaving omgangsregeling
“In een gesprek met CDA-Kamerlid Mona Keijzer stelde ik eens voor om een LBNO (Landelijk Bureau Nakoming Omgangsregeling) in het leven te roepen: een meldpunt waar je terechtkunt wanneer de omgangsregeling niet wordt gehandhaafd. In navolging van de LBIO, het meldpunt voor de inning van partner- en kinderalimentatie. Ze vond het een goed idee. Nee, ik hoorde er nooit meer iets van.

Ik weet al dat het misgaat wanneer ik een verzoekschrift krijg met bijlagen van politieaangiftes waarin verkrachting of misbruik worden genoemd. Dit zetten dames vaak in om een vader in een kwaad daglicht te stellen om bijvoorbeeld een omgangsregeling te frustreren of uit het ouderlijk gezag te ontzetten. Zo wordt een kind door de moeder geïndoctrineerd door bijvoorbeeld het volgende te beweren: ‘Papa heeft me naar betast of geslagen’. Een ander voorbeeld is dat de moeder aangeeft: ‘De man heeft mij van de trap geduwd terwijl ik een kind op de arm hield’. De man verklaart dat in de echtelijke woning geen trap aanwezig was omdat het een gelijkvloerse woning betrof. De Raad neemt niet de moeite om dat te onderzoeken. Tijdens het huwelijk deed niemand aangifte, vanaf de echtscheiding komt dit ineens naar boven.

Als familierechtadvocaat krijg ik weleens een ouder, die zegt: ik wil dat u mij helpt. Zorg dat mijn ex zijn of haar kind nooit meer ziet. Die mensen stuur ik weg. Daar werk ik niet aan mee. Veel advocaten doen daar niet zo moeilijk over. Die advocaat behartigt slechts het belang van zijn of haar cliënt of cliënte. Ik ben van mening dat ik via de ouder tevens de advocaat ben van het kind of de kinderen. Die advocaten sturen in samenwerking met die moeder aan op incapabiliteit van een ouder om zo het omgangsrecht te blokkeren. ‘Depressief, ‘stemmingswisselingen’, ‘psychische problemen’ en ‘verslaving’ zijn veelgebruikte ‘verklaringen’. De moeder voert het woord en zet al deze verhalen in de rechtszaal in. Gaat het om mishandeling van het kind, dan wordt dat kind niet gehoord. Het blijft achter de schermen.

Bureau Jeugdzorg, de Raad voor de Kinderbescherming en de rechter nemen de verhalen van moeders klakkeloos over, rechters die zich op hun verklaringen baseren ook. De waarheidsvinding bij Jeugdzorg, de Raad voor de Kinderbescherming en rechters is nul komma nul. Schrikbarend. Sinds ik bezig ben als familierechtadvocaat heb ik het niet anders meegemaakt.

Niet gek? Bewijs het maar
Hoe bewijs je het tegendeel wanneer een moeder aangeeft dat een vader incapabel is voor de vaderrol? Dan stap je naar een psycholoog die je binnenstebuiten keert. Zelfstandig ondernemer Patrick Damhuis knokt al twee jaar voor de omgang met zijn dochters. “Mijn ex vertelde de Raad van de Kinderbescherming en Jeugdzorg onware verhalen over mij. Ik zou geen goede vader zijn. Wat een flauwekul. Ik zit finaal klem. Al het onnodige gedoe, de tijdrekkerij en de leugens maakten me zo boos en machteloos dat ik aan mezelf ging twijfelen. Doe ik het wel goed, spoor ik wel, probeer ik wel genoeg of moet ik juist minder druk zetten? Is het normaal dat ik zo boos ben? Moet ik rustig blijven zoals de Raadsonderzoekers van me lijken te verwachten? Mijn advocaat adviseerde me om me psychologisch te laten onderzoeken. Woedend werd ik van dat voorstel. Alsof ík gek was! Hij liet me uitrazen en zei rustig: ‘Denk er maar over na’. Dat heb ik gedaan. Ik doe alles om mijn dochters te mogen zien.

De onderzoeken waren heftig, maar de uitslag maakte me uitzinnig van blijdschap. Ik was officieel níet gek, er was níets mis met me. Mijn boosheid over de onrechtvaardigheid was een volkomen normale reactie. De psycholoog zei dat het gek zou zijn geweest wanneer ik me níet zo zou voelen. We voerden het rapport aan bij de rechtbank. Het kwam te laat. Ik mag mijn dochters nog steeds niet zien. Als ze ouder zijn, laat ik het ze lezen. Hopelijk begrijpen ze me dan.”

“De Kinderbescherming wil kinderen eerder de vernieling in helpen. Instanties weten toch ook dat kinderen met beide ouders moeten opgroeien? Ze zien een dader, mijn moeder, als slachtoffer en geloven klakkeloos wat zij roept terwijl ik wist dat ze loog.'”

Didi de Vries (31): ‘Mijn moeder verstopte alle brieven en cadeautjes van mijn vader’
Didi uit Beverwijk was drie jaar oud toen haar ouders in een vechtscheiding verwikkeld raakten. Ze bleef bij haar moeder wonen, samen met haar oudere zus en jongere broer. “Mijn moeder wilde de zorg voor ons alleen. Ze wilde dat mijn vader niks meer met ons te maken zou krijgen en ons niet meer te zien kregen. Vanaf de eerste dag werden we voorgelogen door mijn moeder”, vertelt Didi. “Ze zei dat hij gemeen en agressief was en dat hij ons wilde vermoorden. Als mijn vader langskwam om zijn kinderen te zien, verstopten we ons voor hem en deden we net alsof we niet thuis waren.”

Didi geloofde de verhalen van haar moeder en werd bang voor haar vader. Dat hij jarenlang brieven en cadeautjes naar zijn kinderen stuurde, was iets dat ze pas veel later ontdekte. Ze had geen idee dat haar vader achter de schermen hemel en aarde bewoog om in contact te komen met zijn kinderen.

Didi: “Na een paar jaar zagen we hem helemaal niet meer. Mijn moeder vertelde ons dat hij dood was. In werkelijkheid bleek hij verhuisd te zijn naar IJsland, waar hij een nieuwe liefde had ontmoet.” Vijf jaar later was hij weer terug. Veel veranderde het niet, want van contact met zijn kinderen was nog steeds geen sprake. Haar moeder was intussen hertrouwd met de beste vriend van Didi’s vader. “Ik kon in mijn jeugd nooit iets goed doen in de ogen van mijn moeder”, aldus Didi. “Mijn broer en zus waren moederskindjes, ik was het zwarte schaap. Mijn moeder zei weleens dat ze me aan mijn vader deed denken; ik kreeg overal de schuld van.

Didi was toen 17 toen ze een flinke ruzie kreeg met haar moeder. Terwijl ze haar vader in geen eeuwen had gezien, werd ze opeens bij hem gedumpt. Didi begreep er niets van. “Hij was toch dood, agressief en drugsverslaafd? Waarom bracht ze me dan naar hem toe? Hoe kun je je dochter dumpen, als hij echt zo slecht zou zijn zoals zij altijd had beweerd?” Didi begon een zoektocht naar de waarheid over haar vader en ontdekte dat haar moeder haar alleen de hare had verteld. Toch duurde het nog een tijd voordat ze haar vader echt weer helemaal in haar armen kon sluiten, omdat ze psychisch een behoorlijke klap had opgelopen door de vechtscheiding. Didi ging van nachtopvang naar straat naar tehuis.

“In 2014 kreeg ik inzage in documenten van de Kinderbescherming, omdat ik met twijfels rondliep over wat er nou vroeger was gebeurd. Zo kwam ik achter de waarheid. Vanaf dat moment geloofde ik niet meer dat ze daar hun werk goed doen. Sterker nog, ze willen daar kinderen eerder de vernieling in helpen. Instanties weten toch ook dat kinderen met beide ouders moeten opgroeien? Ze zien een dader, mijn moeder, als slachtoffer en geloven klakkeloos wat zij roept terwijl ik wist dat ze loog. Ik heb meteen tegen mijn broer en zus gezegd dat zij die papieren ook konden en moesten lezen, maar zij blijven achter mijn moeder staan.”
Didi heeft sindsdien geen contact meer met haar moeder. Wel is ze herenigd met haar vader, al zien ze elkaar nog niet veel doordat hij in Den Haag woont. Bovendien is hij ernstig ziek. “Er is een hersentumor bij hem vastgesteld; het is niet bekend hoe lang hij nog leeft. Ik ben in elk geval heel blij dat we weer contact hebben. Mijn vader heeft veel verteld, bijvoorbeeld dat hij elke dag in zwarte kleding loopt sinds hij zijn kinderen niet meer mag zien.”

Na alle leugens die haar moeder over haar vader vertelde, wil Didi haar moeder nooit meer zien. Toch kwam ze haar een tijd geleden tegen op straat. Ze wonen nu eenmaal vlakbij elkaar. Het was een bizar moment voor Didi. “Ze deed alsof ik lucht was, liep me straal voorbij. Ik ben klaar met haar. Ik denk niet dat het ooit nog goedkomt tussen ons, daarvoor is er te veel gebeurd.” Didi’s grootste wens? Dat haar broer en zus hun vader nog zien, voordat hij doodgaat. Dat is ook haar vaders grootste wens. “Ik weet het niet, misschien zijn mijn broer en zus bang om hun moeder kwijt te raken. Of ze willen de waarheid niet onder ogen komen. Maar je hebt twee ouders, dus ik ben bang dat ze er spijt van krijgen.”
Didi beschrijft haar ervaringen op http://diedelicious.blogspot.nl/.
Interview Didi de Vries: David Janssen.

Psychologe Amy Baker: “De directe omgeving van een buitengesloten ouder reageert vaak met onbegrip. Ze nemen aan dat kinderen een goede reden moeten hebben om een ouder af te wijzen. Veel mensen snappen niet hoe vatbaar we allemaal zijn voor emotionele manipulatie.”

‘Als je kind je niet meer wil zien, ben je vast een slechte ouder’
Voor buitengesloten ouders is het vrijwel onmogelijk om het proces van vervreemding en verstoting te stoppen, zegt de Amerikaanse ontwikkelingspsychologe, coach en ouderverstotingsexpert Amy J.L. Baker. “Binnen de geestelijke gezondheidszorg en het rechtssysteem wordt oudervervreemding niet begrepen. Hulpverleningsinstanties stoken het vuurtje daardoor onbewust op. Ouders die jeugdhulpverleners proberen ‘bij te scholen’, stuiten op onbegrip en worden vaak als betweterig gezien. Wanneer een hulpverlener moet erkennen dat een ouder gelijk heeft, verstopt die zich vaak achter handelingsverlegenheid. Tegelijkertijd draagt de buitengesloten ouder die boos of teleurgesteld reageert op de afwijzing van zijn kind, bij aan de vervreemding. In die – begrijpelijke – woede versterkt hij of zij het beeld dat door de voorkeursouder is opgedrongen: dat van de onveilige, liefdeloze ouder die er nooit voor zijn kinderen is.”

Baker is hoofd onderzoek aan het Vincent J. Fontana Center for Child Protection in New York. Ze brengt vervreemde kinderen en buitengesloten ouders bij elkaar en leert ze effectiever communiceren. De Nederlandse evenknie hiervan is De Familie Academie. Directeur Erna Janssen, die we uitgebreid spreken in een volgende aflevering, schoolt daar professionals bij aan de hand van praktijkcasuïstiek.
“De directe omgeving van een buitengesloten ouder reageert vaak met onbegrip”, zegt Amy Baker. “Ze nemen aan dat kinderen een goede reden moeten hebben om een ouder af te wijzen. Veel mensen snappen niet hoe vatbaar we allemaal zijn voor emotionele manipulatie. Als ouder in deze situatie kun je twee dingen doen: de commentaren negeren of proberen de ander iets te leren over ouderverstoting. Ik trek weleens de vergelijking met sektes. Jaarlijks worden duizenden volwassenen onder invloed van een volslagen vreemde afgesneden van vrienden en familie. Als een onbekende dat al kan bereiken, kan dat in de relatie tussen een ouder en een kind al helemaal, zeker omdat een kind in een afhankelijkheidspositie zit.

Nog een voorbeeld: vrijwel iedereen weet hoe Coca Cola smaakt. Nog steeds besteedt het bedrijf miljoenen per jaar aan advertenties. Dat komt omdat het werkt, al begrijpen we als consument niet altijd hoe. Een derde manier om ouderverstoting uit te leggen, is langs de lijn van huiselijk geweld. Veel vrouwen blijven bij mannen die ze geestelijk misbruiken en ze isoleren van vrienden en familie. Voor buitenstaanders slaat dit nergens op. Dat is wat er bij ouderverstoting gebeurt.”

Briefje van een kind aan de rechter: 'Beste rechter, dit is mijn moeder. Ze is een heel aardige mevrouw. Papa vertelde me dat ik haar van jou niet meer mag zien. Als ik beter mijn best doe op school, mag ik dan mijn moeder wel weer van u zien? Ik hou echt van haar. Bedankt, Sam.'
Briefje van een kind aan de rechter: ‘Beste rechter, dit is mijn moeder. Ze is een heel aardige mevrouw. Papa vertelde me dat ik haar van jou niet meer mag zien. Als ik beter mijn best doe op school, mag ik dan mijn moeder wel weer van u zien? Ik hou echt van haar. Bedankt, Sam.’

Signalen van ouderverstoting herkennen
De strategieën die voorkeursouders gebruiken om hun kind van de andere ouder te vervreemden, werden in 1985 door psycholoog Gardner geïnventariseerd en benoemd als PAS: Parental Alienation Syndrome. De toevoeging ‘syndroom’ suggereert een psychische ziekte die de verantwoordelijkheid impliciet bij het kind legt, waar die juist het slachtoffer is van de voorkeursouder, motor en katalysator in dit proces. Hoewel Gardners signalen en omschrijving werden onderkend en uitgebouwd, heeft PAS als losstaande psychiatrische stoornis ook de recent verschenen DSM-V niet gehaald, al wordt daar internationaal al jaren voor gelobbyd. Garder ontmoette veel kritiek op zijn onderzoeksmethoden en op de geldstroom die hij met de daaruit voortvloeiende PAS-boeken en -lezingen genereerde.

De publiciteit rond Gardners viel niet toevallig samen met de oprichting van Dwaze Vaders. In de jaren tachtig werden kinderen na een scheiding bijna automatisch aan de moeder toegewezen. In de oververtegenwoordiging van vaders als slachtoffers van PAS werd ten onrechte een causaal verband gezien met gemene vrouwengenen. Vandaar PAS-omdopingen tot Medea Complex (Jacobs, 1988. Klik hier voor de 7-minutenuitlegvan de Medea-mythe met Legopoppetjes) en Malicious Mother Syndrome (I.D. Turkat, 1994).

Slecht kunnen omgaan met verlies is een vastgestelde overeenkomst bij voorkeursouders die hun kinderen de andere ouder laten verstoten. Wordt een scheiding niet verwerkt, dan blijft iemand hangen in de rouwfase waarin boosheid domineert.

Rouwen na een echtscheiding
In de komende afleveringen van De Vechtscheidingsindustrie gaan we dieper in op de psychologische aspecten van verstotende en buitengesloten ouders. Voor de eerste kennisronde is van belang dat deskundigen en minder of geheel niet gekwalificeerde therapeuten aan voorkeursouders narcistische en borderline kenmerken toeschrijven. Dat is om meerdere redenen een heikel punt. Diagnostisering volgens de DSM IV is niet onomstreden. Psychiatrie is een wetenschapstak die zich, gechargeerd, baseert op menselijke waarneming. Persoonlijkheidsstoornissen zijn moeilijk te diagnosticeren. Wie werkelijk aan een persoonlijkheidsstoornis lijdt, vindt dat er niets mis met hem of haar is en zoekt daarom geen hulp. Dat is inherent aan de stoornis.

De omgeving heeft er meer last van dan de verdachte patiënt (of, policor: ‘cliënt’) zelf en wendt zich voor een autodiagnose tot het internet, waar afvinklijstjes een stoornis kunnen ‘aantonen’ die een psychiater mogelijk niet zou constateren.

Slecht kunnen omgaan met verlies is een vastgestelde overeenkomst bij voorkeursouders die hun kinderen de andere ouder laten verstoten. Ten eerste van de scheiding zelf. Wordt het verlies van een huwelijkse partner niet verwerkt, dan blijft iemand hangen in de rouwfase waarin boosheid domineert. Daarin is de enige optie het aanwijzen van een schuldige. Stokken in boosheid belemmert doorstromen naar de laatste fase van rouw, waarin reflectie op de situatie en op het eigen aandeel ruimte scheppen voor berusting en afsluiting. Tot slot kunnen trauma’s in de geschiedenis van de ouders, soms van generatie op generatie, het verlies van familie of een autoritaire opvoeding factoren zijn.

Mannen en vrouwen gebruiken verschillende strategieën
Vrouwen en mannen gebruiken specifieke vervreemdingsstrategieën die losstaan van wie het gezag over de kinderen heeft, zeggen Iglesias, López en García in  hun Spaanse onderzoek Parental Alienation Gradient: Strategies for a Syndrome (The American Journal of Family Therapy, editie 42, 2014, Universiteit van Oviedo).

Vrouwen zetten de buitengesloten ouder vaak buitenspel door de ouderrol over te dragen aan hun nieuwe partner, komen op de proppen met medische en/of psychologische rapporten om hun ‘gelijk’ te bewijzen. Ze rechtvaardigen de steeds groter wordende afstand tussen hun ex en de kinderen en voeren de druk op door de buitenwereld zoveel mogelijk bij het conflict te betrekken. Typerend voor verstotende vaders is dat ze hun kind aanmoedigen om niet meer naar hun moeder te luisteren en al haar regels ter discussie te stellen.

Tussen al deze mechanismen laveren de kinderen, die afhankelijk van hun persoonlijkheid, hun verleden en hun eerdere betrokkenheid tijdens het huwelijk, ieder weer anders reageren op pogingen tot vervreemding door de andere ouder.

De voorkeursouder wekt medelijden op bij een kind (parentificatie of rolomkering) dat daardoor graag voor de ‘zielige’ ouder wil zorgen en wil ‘redden van het kwaad’. Dit kan door huwelijkse problemen of juridische informatie over scheiding of kinderalimentatie met het kind te delen.

Ouderverstoting in de praktijk

In de communicatie met de andere ouder
De voorkeursouder neemt beslissingen zonder te overleggen. Geeft geen informatie over medische zaken, schoolkeuzes of belangrijke gebeurtenissen in het leven van het kind. Laat medische en psychologische rapporten opstellen als ‘bewijs’ dat de ex iets mankeert, ongeschikt is als ouder, of dat het kind ziek wordt/schade oploopt/het niet aankan om de andere ouder nog te zien.

In relatie tot de omgeving
De voorkeursouder zoekt mensen in de omgeving die de plaats van de andere ouder innemen. Laat de nieuwe partner vader of moeder spelen waardoor de andere biologische ouder ‘niet meer nodig’ is. Ontzegt de kinderen verder contact met de familie van de buitengesloten ouder en versterkt de banden met de eigen familie. Zoekt medestanders door geruchten te verspreiden over de andere ouder tegenover een nieuwe partner, familie, schoonfamilie of buren. Gebruikt de nieuwe relatie van de uitwonende ouder als reden dat de kinderen geen contact meer willen. Ondermijnt de nieuwe relatie van de uitwonende ouder en gebruikt die relatie als reden dat de kinderen geen contact meer willen.

In de communicatie met het kind
De voorkeursouder houdt brieven, cadeautjes of kleren achter die de andere ouder stuurt of gooit ze weg. Wekt medelijden op bij een kind (parentificatie of rolomkering) dat daardoor graag voor de ‘zielige’ ouder wil zorgen en wil ‘redden van het kwaad’. Dit kan door huwelijkse problemen of juridische informatie over scheiding of kinderalimentatie met het kind te delen. Maakt het kind bang door te zeggen dat de andere ouder het iets wil aandoen, gevaarlijk of gek is. Vertelt beledigende, kleinerende dingen over de ex. Lacht het kind uit wanneer het iets liefs of positiefs zegt over de andere ouder en beloont het kind wanneer het brutaal of onbeschoft is. Daagt de kinderen uit en moedigt ze aan om niet naar de andere ouder te luisteren en de regels en autoriteit van de ex ter discussie te stellen. Schuift de schuld van slecht gedrag van de kinderen (blowen, spijbelen, slechte schoolresultaten) openlijk af op de ex. Deelt geen foto’s van de kinderen met de andere ouder.

Voor, tijdens en na bezoekjes tussen het kind en de andere ouder
Verhuist of emigreert. Wijzigt voortdurend het telefoonnummer van het kind, blokkeert of verandert steeds van Facebook- of Instagramaccounts en mailadres. Beperkt de communicatie tussen het kind en de andere ouder actief door het kind te verbieden of te straffen wanneer of nadat het de andere ouder belt. Tijdens of vlak voor een bezoek aan de andere ouder, zegt de voorkeursouder dat het kind ziek is of zelf niet naar de andere ouder toe wil. Plant of stelt leuke activiteiten voor, net wanneer het kind naar de andere ouder zou gaan. Belt, appt, sms’en of zoekt contact via Messenger wanneer het kind bij de andere ouder is of belt dan de politie. Ondervraagt het kind uitgebreid na een bezoek aan de vader of moeder en bemoeit zich met wat er is gezegd en gedaan. Verzwijgt verjaardagen en Vader- of Moederdag tegenover het kind – geen telefoontjes dus op die belangrijke dagen.

Signalen dat een kind te sterk beïnvloedt wordt
Naarmate de destructieve invloed van de verstotende ouder voortduurt, kunnen kinderen die vervreemd zijn geen onderscheid meer maken tussen leugen en waarheid. Daarom kunnen en moeten stellige beschuldigingen over een andere ouder nooit zomaar worden aangenomen. Deze verbale uitingen en non-verbale gedragingen van (oudere of zelfs volwassen) kinderen, zijn mogelijke signalen van oudervervreemding en -verstoting.

Boosheid tegenover professionele inmenging
Contactpogingen van de buitengesloten ouder wekken woede op bij zowel de voorkeursouder als het kind. Het risico hierop is groter naarmate de vervreemding strategieën langer hebben geduurd en het kind nooit de mogelijkheid heeft gehad om de andere ouder zelf te leren kennen. De voorkeursouder wijst hulpverleners de deur en voeren allerlei redenen aan waarom die zich er niet mee moeten bemoeien.

kinderalimentatie

Bemoeienis met zaken die alleen ouders weten of aangaan
Het kind doet uitspraken over zaken waar het niet van kan of zou mogen weten omdat ze alleen de ouders aangaan. ‘Als jij gewoon een baan had gehad, hoefde mama niet voor alles op te draaien.’ ‘Ga jij eerst die kinderalimentatie maar eens betalen.’ ‘Je hebt mama mishandeld.’ ‘Mama zegt dat je ons huis gaat verkopen.’ Het kind gebruikt woorden en zinsconstructies die niet bij de leeftijd passen. ‘Papa betastte me onbetamelijk’ of ‘hij heeft me gepenetreerd’.

Intense haat tegenover de andere ouder
Het kind vernedert, beledigt en gedraagt zich respectloos tegen de andere ouder. De ene ouder is perfect, de andere ouder is alleen maar slecht en heeft de afwijzing en verachting aan zichzelf te wijten. Het waarom van de haat is vaak vaag, bizar of sterk overdreven: ‘papa was altijd aan het bellen onder het eten’, ‘papa was alleen maar aan het werk’, ‘voor jou zijn wij altijd ongewenste kinderen geweest’. Verdriet of geschoktheid van de buitengesloten ouder wekt nog meer haat op. Het kind voelt geen medeleven of schuldgevoel meer en draait als een kapotte grammofoonplaat zijn/haar argumenten af waaruit moet blijken dat alles de schuld van de ‘slechte’ ouder zelf is.

Samenspannen tegenover de omgeving
Tegenover de buitenwereld stellen de voorkeursouder en het kind, tussen wie een nauwe en symbiotische relatie bestaat, dat het kind om ‘eigen’ en ‘goede’ redenen zijn vader of moeder nooit meer wil zien. Ook tegenover de omgeving die in het aanvankelijk opneemt voor de buitengesloten ouder, maar zich door de hardnekkigheid en langdurigheid van de argumenten op den duur laat meesleuren in de leugens, worden verdedigende argumenten en bewijzen zonder nadenken van tafel geveegd.

In ernstige gevallen van ouderverstoting verdwijnen mooie herinneringen aan de buitengesloten ouder werkelijk uit het geheugen van het kind. Wanneer de buitengesloten ouder ter sprake komt of het kind geconfronteerd wordt met foto’s, brieven of andere herinneringen aan de buitengesloten ouder, kan dat een panische of fobische reactie opleveren.

In aflevering 2 van De Vechtscheidingsindustrie: ‘Van huwelijk naar gruwelijk.’ Hoe een scheiding verloopt, valt vaak te voorspellen aan de hand van de rolverdeling en dynamiek tussen partners tijdens het huwelijk. Alles over de psychologische mechanismen die leiden tot wraakzuchtige vechtscheidingen en ouderverstoting. Wat kun je als buitengesloten ouder doen om de situatie met je kind ten goede te keren? Plus: een interview met de bekende Ryan Thomas, de Amerikaanse man die zijn leven lang door zijn moeder geïndoctrineerd werd om zijn vader te haten en zich nu met hem herenigd heeft. Hij gebruikt zijn ervaringen en inzichten om andere ouders en kinderen te helpen.  

Advertisements